Home

Olieslaan

Oliemolens.nl - De Kilsdonkse Molen - Heeswijk-Dinther

Bijschrijving Immaterieel Erfgoed Nederland

Het oude ambacht Olieslaan wordt op 19 april 2024 bijgeschreven in de inventaris van het Immaterieel Erfgoed Nederland. Deze bijschrijving zal ervoor zorgen dat het ambacht niet verloren gaat in de toekomst. Bekijk de beschrijving van dit ambacht en de betrokken oliemolens op www.oliemolens.nl.

Het initiatief voor deze bijschrijving is genomen door Olie- en Korenmolen Woldzigt; het borgingsplan is geschreven door betrokkenen van Olie- en Korenmolen Woldzigt, de Eerbeekse Oliemolen en Noordmolen Twickel. Betrokkenen van alle nog werkende oliemolens in Nederland en een aantal door de schrijvers benaderde bestuurders hebben dit initiatief ondersteund.

Om 16.30 uur bekrachtigen de initiatiefnemers de inschrijving middels het ondertekenen van het document door Hans Meijer, penningmeester en Marjan Schetsberg, bestuurslid van Olie– en Korenmolen Woldzigt, Herman Heskamp, molenaar Eerbeekse oliemolen en Jan Gröneveld, secretaris Stichting Beheer Noordmolen Twickel.

RTV Oost toog ter ere van dit heugelijke feit naar Noordmolen Twickel om mede opsteller van het borgingsplan Jan Gröneveld bij de trots van de vrijwilligers van Noordmolen Twickel te interviewen. Bekijk de reportage hier onder.

Lees het artikel van RTV Oost HIER.

Het ambacht olieslaan bestaat al lang, het eerste gilde voor molenaars en olieslagers is al vóór 1629 opgericht. Oliemolens waren destijds industriemolens, in bijna 1000 oliemolens verwerkten olieslagers jaarlijks 100 à 200 ton zaden. Men werkte in het seizoen dag en nacht in shifts van soms wel 16 uren. Er werd zowel zaad van vlas-(lijn-), kool-, raap- en hennepzaad vermalen en geperst als van onder andere beuken- en walnoten.

Vanaf 1850 ging men olie produceren in fabrieken waarin stoommachines hydraulische persen aandreven. Zo verdween het ambacht bijna volledig. Dankzij individuen, maatschappelijke organisaties en overheden zijn er zowel oliemolens als kennis en vaardigheden rond het ambacht behouden gebleven.

Vandaag de dag wordt het ambacht op dezelfde wijze als vroeger door enthousiaste vrijwilligers beoefend. Wel is er tegenwoordig meer aandacht voor veiligheidseisen en gehoorbescherming, vroeger werden de olieslagers nogal eens ‘lawaaidoof’.

Lees meer

Het Proces

Het proces van olieslaan begint met grondstoffen als vlaszaad, lijnzaad of noten, en met een oliemolen die in beweging komt. Wordt de molen door wind aangedreven, dan draait de molenaar deze aan, betreft het een watermolen dan doet de olieslager dat zelf. Hiermee komen twee grote ronde stenen in de molen, de kantstenen, in beweging die over een metalen plateau rollen. Daaronder maalt de olieslager de gekozen grondstof fijn totdat er meel over blijft. Dit meel wordt op een verwarmde plaat tot ongeveer 50 graden opgewarmd en rond gemixt. Door de warmte kan de olie uit het meel vrijkomen. Het warme meel wordt vervolgens in zakken gestort die tussen persmatten worden geplaatst en op deze volle zakken oefent men druk uit met behulp van heipalen en wiggen. Zo komt er olie tevoorschijn en kan deze worden opgevangen. In de uitgeperste zakken blijft het restproduct over: de ‘koeken’. Deze worden ofwel direct gedroogd tot veevoer, of ze worden opnieuw tot meel gestampt en geperst. Ook hier is het eindproduct een koek.

Olieslaan in een water- of windmolen is een duurzaam ambacht. De olie en restproducten worden op vrijwel energie neutrale wijze geproduceerd en er blijft geen afval over.

De olie is inzetbaar als basis voor zeep en verf. Innovatieve producten die uit de olie voortkomen zijn natuleum, een milieuvriendelijk carboleum, en hardhoutolie.

Sommige molens produceren de lijnolie dusdanig dat deze ook voor menselijke consumptie geschikt is.

Beoefenaars en betrokkenen

Tegenwoordig is er een groep vrijwillige olieslagers die in de nog 19 operationele wind- en watermolens in Nederland olieslaan. De vrijwillige olieslagers ervoor dat het ambacht in stand wordt gehouden en wordt doorgegeven aan een nieuwe generatie. Als er olie wordt geslagen is publiek van harte welkom. Ze kan een rondleiding krijgen waarbij een vrijwilliger het proces van olieslaan toelicht.

Elke oliemolen heeft zijn eigen interne opleiding, die redelijk vlot is te volgen. De vrijwillige olieslagers waarderen het ambacht onder andere omdat het plaatsvindt in een monument – een historische molen in beweging – en omdat je in één middag van grondstof tot product komt: aan het einde van een shift is er olie en/of lijnoliekoeken/lijnmeel.

De voordracht is gedaan door betrokken vrijwilligers van de Olie- en korenmolen Woldzigt, Noordmolen Twickel en Oliemolen Eerbeek.

Olieslaan - Immaterieel Erfgoed Nederland

Bezoek de  oliemolens van Nederland

In Nederland zijn nog 20 oliemolens in werking die soms door beroepsmolenaars, maar veelal door vrijwilligers in stand en beheerd worden. De opgenomen wind- en watermolens in deze website vindt je de gelijknamige items in het menu boven aan de website.

Kom eens bij de molens kijken en laat je verbazen over de vaak prachtige omgeving, de bouw, de techniek en het verhaal van de molenaars en olieslagers over hun molen en eeuwen oude beroep.

Bijschrijving in de inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland

Op 5 december 2017 was het feest voor de Nederlandse molenaars. Het oude ambacht van molenaar is door UNESCO erkend als Cultureel Immaterieel Erfgoed. Een erkenning voor een oud ambacht met een mooie toekomst. Kijk hiervoor op de pagina UNESCO.

Op 6 december 2023 is aan de Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland Olieslaan bijgeschreven. In de Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland zijn na deze nieuw bijschrijving meer dan 200 vormen van immaterieel erfgoed bijgeschreven waaronder ambachten, feesten en sociale praktijken. Bijschrijving in de Inventaris is een middel om de beoefenaars te helpen bij het levend houden van hun immaterieel erfgoed. Met de bijschrijving in de Inventaris laten zij zien dat ze bezig zijn met de borging van hun immaterieel erfgoed en werken ze aan de zichtbaarheid ervan.

Drie bedrijfsgangen

Olie kan worden geslagen uit vlas-, lijn-, kool-, raap- en hennepzaad en geperst uit onder andere beuken- en walnoten. Dit gebeurt in de volgende drie bedrijfsgangen.

Oliemolens.nl - Kollergang

De eerste bedrijfsgang

De eerste bedrijfsgang is het kneuzen van het zaad, dit gebeurt op de kollergang. De kollerstenen (kantstenen) kneuzen het zaad tot meel. De strijker strijkt het weg spattende zaad weer onder de kollerstenen. Is het zaad voldoende gekneusd, dan laat de olieslager de afloper zakken en opent hij de schuif, waarmee het meel in de meelbak valt.

Oliemolens.nl - Vuister

De tweede bedrijfsgang

De tweede bedrijfsgang is het verwarmen van het zaadmeel. Het verwarmen gebeurt op de vuister. Dit is een uit steen opgebouwde vuurhaard afgedekt met een stalen plaat. Hierop ligt een bodemloze pan waarin het zaadmeel wordt verwarmd tot circa 40 graden. Indien olie wordt geslagen dat niet geschikt is voor consumptie kan dit ook tot circa 80 graden. Als het zaadmeel is opgewarmd schuift de olieslager de pan met de inhoud over de trechters, waarna het zaadmeel in de twee opgehangen buulen (zakken) valt.

Oliemolens.nl - Slagbank

Hier onder wordt in een schets toegelicht hoe de slagbank van een oliemolen werkt.

Oliemolens.nl - Slagbank

De derde bedrijfsgang

De derde bedrijfsgang is het slaan van olie. Dit olie slaan vindt plaats op de persbank (slagbank). De buulen worden hier tussen een persplank gelegd en daarna in de persbank geplaatst. Door middel van een vallende slaghei wordt de slagbeitel naar beneden geslagen en wordt in de slagbank gedreven. Hierdoor komt er druk op het zaadmeel. Dit wordt vloeibaar waardoor de olie uit de buul wordt geperst en in bakken wordt opgevangen.

Oliemolens.nl - Lijnzaadolie

Het eindproduct

De olie bevat altijd stof uit het basisproduct. De olie wordt in vaten opgeslagen om te laten bezinken. Dit duurt enkele weken. Daarna wordt de olie afgetapt boven het bezinksel, met als resultaat heldere olie zoals hier boven is afgebeeld. In dit geval lijnzaadolie.

Indien olie bij voorkeur donker wordt bewaard zoals in een kast, kan het jaren bewaard worden zonder dat er bederf optreed. Lijnzaadolie voor consumptie kan op deze manier meer dan 10 jaar worden bewaard.